Het piepkleine pensioenfonds voor de Vereenigde Glasfabieken (1142 deelnemers) wordt door de machtige toezichthouder De Nederlandsche Bank gedwongen een groot deel van haar goud te verkopen. De Nederlandsche Bank vindt de beleggingen van het fonds veel te riskant. Het 'eigenwijze' fonds wordt hardhandig op haar plaats gezet.
Het fonds voor de glasfabrieken verzette zich de afgelopen maanden hardnekkig tegen de toenemende druk van de toezichthouder om haar forse goudpositie terug te draaien. Maar DNB heeft nu ook de rechter achter zich.
De voorzieningenrechter bepaalde dat DNB terecht een aanwijzing heeft gegeven aan het fonds om een groot deel van haar goudbezittingen te verkopen. Het fonds heeft dertien procent van haar vermogen belegd in goud. Dat begon ze in 2009 plotseling op te bouwen: alle aandelen gingen eruit, het edelmetaal moest blinken - alsof goudgoeroe Willem Middelkoop het ineens voor het zeggen kreeg.
DNB wil dat nog maar maximaal drie procent van het vermogen in goud zit, gezien de beleggingsmix en de toekomstige verplichtingen van het fonds. De rest moet binnen twee maanden verkocht worden. Gelukkig is de goudprijs op dit moment heel goed, dus snel verkopen maar, voordat de onrust in het Midden-Oosten weer is gezakt!
Het fondsbestuur is echter duidelijk verongelijkt over de houding van DNB. Fondsdirecteur Kees Pruissen legde in een nieuwsbrief aan de deelnemers onlangs al uit dat ze het oneens was met de toezichthouder - en toen was het juridische gevecht nog niet eens begonnen.
Op haar website stelt het fonds dat een goudbelegging bescherming biedt tegen de onrust op de financiële markten rond de euro, waardoor staatsobligaties minder waard kunnen worden. En dat zou het grootste bezit van het fonds raken: het heeft 85 procent van haar vermogen gestoken in (vooral) Nederlandse en Duitse staatsobligaties.
Het fonds vraagt zich nu af wat de waarde van die nog zo veilige obligaties is, als de schuldencrisis in de eurozone uit de hand zou lopen. Naar Noorse of Zwitserse obligaties uitwijken? Trouwens, zo schrijft het fonds: de centrale banken houden toch zelf ook goudvoorraden aan als verzekering tegen risico's op andere beleggingen?
Dat DNB een aanwijzing meende te moeten geven, maakt duidelijk dat het meningsverschil met het fonds flink was opgelopen. Een aanwijzing wordt gezien als een zwaar middel - in 2009 werd het door de toezichthouder twee keer toegepast in de financiële sector. Het niet opvolgen van een aanwijzing wordt gezien als een economisch delict.
DNB vindt al langer dat de kwaliteit van het risicomanagement in de pensioensector omhoog moet, zodat pensioenvermogen beter wordt beheerd. Zoals bij het fonds voor de glasfabrieken, maar dat voelt zich niet erg aangesproken. Het fonds denkt bijvoorbeeld dat er van een luchtbel in de goudmarkt geen sprake is. Wie het weet mag het zeggen: bij het uitbreken van de kredietcrisis in september 2008 deed een ounce goud 900 dollar, en nu 1361 dollar.